Auteur: Nan Los-Laros

Hoofdstuk 2 van Het Carillon van Waalre

2.1 De luidklokken

In een notariële acte uit 1594 wordt de tiendheffer – de abdij van Echternach –verplicht voor een nieuwe luidklok te zorgen. Het gaat erom de kosten te dragen van “het hergieten oft hermaken van de grootste clocke der kercke van Waerlre, gebersten wesende” Hieruit kunnen we opmaken dat er toen al klokken in de Romaanse kerk hingen. Uit onderzoek is gebleken dat de kerk al in 1425 een tijdsaanduiding had. In dat jaar werd een uurwerk besteld!

Tijdens de klokkenroof door de Duitsers, eind 1942 – begin 1943 werden ook de klokken uit de Willibrorduskerk meegenomen. Waarschijnlijk omdat de oude kerk niet meer de functie van gebedshuis had werden de klokken, waarvan je mag aannemen dat ze een M verdienden, uit de toren gesmeten. Het kleine klokje uit 1815 was het enige dat m.i. voor “export” in aanmerking kwam. Architect G. Valk heeft tijdens de restauratie van de kerk, in september 1942, de opschriften van de klokken genoteerd.

Klok I De zware luidklok diameter 120 cm

+ GREGORIUS SCHOUPPE ABBAS ET DOMINUS ECHTERNACENSIS MEFIRI      CURAVIT +

+ GREGORIUS DUMERY FECIT WAALRE ANNO 1739 +

Klok II Mariaklok diameter 105 cm

BEREYT V TOT ENE ZALIGH STERVEN

DE DOET IS ALLER MENCHEN ERVEN.

A: DE IONGH IN WAALRE ET WERDE

ALEXIS IULLIEN ME FECIT ANNO 1698

DES HEEREN WOORT LUYT KLAERDER DAN EENIGH METAEL

GODT GEEFF DE GENAED EN KRACHTEN DAT TE HOYD EN AL TEMAEL.

Klok III Angelusklok diameter 63 cm

JOHANNES SWANE BURGEMEESTER VAN WAALRE.

HENRICUS PETIT ME FECIT

ANNO DOMINO 1815.

opmerking bij klok II: A. de Jongh was predikant

opmerking bij klok III: de herkomst is onbekend.

de klok is door H. Petit hergoten.

2.2. De klokkengieters

Klok I – de zware luidklok.

Gregorius Dumery, ook bekend onder de naam Joris du Mery werd vermoedelijk geboren in 1715 in het Henegouwse Hove. Hij overleed te Brugge in 1784. Dumery was een goede beiaardgieter, d.w.z. dat hij een zuivere reeks klokken kon gieten. Hij was leerling van Alexius Julien (klok II). Na diens dood ging hij als zelfstandig gieter verder en vestigde zich te Antwerpen. Een aantrekkelijke plaats omdat er op dat moment geen gieter meer werkte. Van Dumery is weinig bekend. In de Mechelse St. Romboutstoren kunnen we van hem nog de halfuurslag horen.

De schenker van deze klok – Gregorius Schouppe, was abt van Echternach, Waalre behoorde tot het gebied van de abdij. Deze klok zal de tiendklok zijn geweest, zwaar genoeg – 1500 kilo –  “opdat zij door de gehele parochie der thienden” gehoord kon worden.

Klok II – Mariaklok

Alexius Julien (1669 – 1734) kwam, als zovele gieters, uit Lotharingen. Vanwege de flinke concurrentie daar trokken veel gieters weg om elders werk te zoeken. Met zijn vader Nicolas en zijn broer Joseph vertrok hij naar Maaseik. In 1691 goten ze een klok voor de parochiekerk aldaar. In mei 1692 vertrok Alexius naar Went. Hij goot daar drie zware klokken voor de Martinuskerk. In 1703 krijgt hij een grote opdracht voor Lier. Hij vestigt zich in die stad en sterft er in 1734.

Klok III – Angelusklok

Maria, de zuster van Alexius Julien, achtergebleven in Lotharingen, trouwde in 1668 met Jean Petit, klokkengieter uit die streek. Zij vestigden zich in Nederweert. Hun zoon Joseph werd ook klokkengieter. Deze trouwde in 1720 te Nederweert met Maria Guns. Haar moeder bezat kasteel De Donck te Someren. Daar werd de gieterij gevestigd. Drie van hun zonen werden klokkengieter. Hendricus (1751 – 1815) is de gieter van deze klok. Hij gebruikte het brons van de bestaande klok om deze te hergieten. De oude klok was wellicht gebarsten of slecht van klank. De klokkengieterij werd omstreeks 1790 vanuit Someren naar Aarle Rixtel overgebracht. De leem- en zandgronden in dat gebied kwamen goed van pas. (Someren ligt in de Peel en heeft veengrond). Hun neef, Henricus Fritsen (1784 – 1875) was in het bedrijf opgeleid tot klokkengieter. Na de dood van zijn oom Henricus Petit heeft hij het bedrijf alleen voortgezet. Als hommage aan zijn oom koos hij de firmanaam Petit en Fritsen. Dit bedrijf is nog steeds gevestigd te Aarle Rixtel.

Het Carillon van Waalre

Hoofdstuk 1: Geschiedenis van de oude Willibrorduskerk
Hoofdstuk 2: De verdwenen luidklokken en hun gieters
Hoofdstuk 3: Geschiedenis van het carillon
Hoofdstuk 4: Inrichting van het carillon
Hoofdstuk 5: De luidklok
Hooddstuk 6: Aanschaf speeltrommel 1956
Hoofdstuk 7: Onderhoud en revisie van het carillon
Hoofdstuk 8: Aanschaf bandspeelapparaat 1977
Hoofdstuk 9: Historisch uurwerk
Hoofdstuk 10: Groot onderhoud oktober 2001
Hoofdstuk 11: Aanschaf spelcomputer
Hoofdstuk 12: Aanschaf 2 klokjes

2 Comment on “De verdwenen luidklokken en hun gieters

  1. Hallo Nan,
    Misschien ken je me nog van de bellenclub en museum in Asten. Omdat ik als klokkengek voor het museum alle beiaarden in kaart breng met wat gegevens, ben ik zeer geïnteresseerd in het boek over het carillon van Waalre.
    Heb hoofdstuk 2 nu met veel plezier gelezen. Waar en hoe kan ik aan dit boekje komen ?
    Met vriendelijke groeten,
    Pierre Nuijts, Heeze

  2. Hallo Nan,
    Heel blij dat je gereageerd hebt op mijn mail. Hopelijk gaat alles goed met je.
    Met wat assistentie van een kleinzoon heb ik de eerste drie hoofdstukken kunnen afdrukken. De overige hoofdstukken kregen we niet te pakken. We kreeg ik een stuk over twee klokken met enkele foto’s van het stokkenklavier met een mooie dame als beiaardier en van klokken. Komen die hoofdstukken nog of moet ik een speciale handeling plegen ?
    Met vriendelijke groeten,
    Pierre Nuijts

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *